Speech Veteranendag 2019

22 juni 2019

Beste veteranen, partners, kinderen en familieleden,

Zojuist om 11.00 hebben wij een krans mogen leggen bij de oorlogsmonumenten. In dierbare herinnering aan de mensen die achter zijn gebleven waar jullie door zijn gegaan. Het was een eer om daarbij te mogen zijn en het is een eer dat ik u toe mag spreken bij de veteranendag dit jaar. Mijn naam is Jelle Beemsterboer, locoburgemeester van Schagen. Ik moet u de hartelijke groeten doen van burgemeester Marjan van Kampen, die er vanwege grote landelijke verplichtingen niet bij kan zijn vandaag.

Veteranendag wordt jaarlijks op een zaterdag rond 29 juni gehouden. 29 juni was de verjaardag van wijlen prins Bernhard. Nederland staat vandaag stil bij de inzet van Nederlandse militairen bij oorlog en vredesmissies. Wij willen in onze eigen gemeente laten zien dat we waardering en begrip hebben voor het risicovolle werk dat veteranen verrichten in opdracht van de Nederlandse Samenleving. Wij zijn allemaal veel dank en respect verschuldigd aan jullie, aan mensen die zich hebben ingezet voor onze vrijheid. Nederland heeft sinds 1940 ruim 650.000 militairen ingezet tijdens drie oorlogen en ruim honderd vredesmissies. En die inzet heeft een grote impact gehad op het eigen leven van de veteranen, maar ook op dat van hun familie en vrienden. Veteranen zijn gewone mensen, maar wel mensen die als het er op aankomt hun leven riskeren voor de veiligheid en vrijheid van anderen.

Voor mijn generatie is die vrijheid eigenlijk iets normaals, we weten niet anders, wat natuurlijk erg fijn is. Zelfs de dreiging van de koude oorlog heb ik niet bewust meer meegemaakt. Onze ouders kennen de verhalen van oorlog nog van hun ouders, wij soms nog van opa of oma, maar de afstand neemt toe. Dat vraagt van ons, van jonge mensen (voor zover ik me daar nog toe mag rekenen) dat wij ons extra verdiepen en blijven waarderen hoe belangrijk vrede en vrijheid is.

Ik heb in voorbereiding op vandaag twee keer een veteranencafe mogen bezoeken. Het is indrukwekkend om te merken dat het fijn is om bij mensen te zijn die het begrijpen. Die begrijpen wat voor velen niet te begrijpen is, wat het is om een oorlog mee te maken, wat het is om in een vreemd land of destijds in Nederland te moeten vechten voor vrede. Want vrede is het waard om voor te vechten. En tegelijkertijd is ook het voorkomen van oorlog het waard om voor te vechten.

Beter dan het stoppen van het oorlog is het voorkomen ervan. Hoe zorgen we er voor dat groepen mensen niet tegen elkaar opgezet worden? Hoe voorkomen we dat de geopolitieke verschuivingen in de wereld uiteindelijk tot gewapend conflict leiden? Hoe leren we van de lessen uit het verleden? Dat zijn vragen die me bezig houden.

Ik heb de ambitie om ooit de landelijke politiek in te gaan, of dat lukt is natuurlijk maar de vraag trouwens. Net als de laatste jaren is er een kans dat we ooit weer voor de keuze komen of er Nederlandse inzet moet zijn voor nieuwe vredesmissies. Voor keuzes nu, in de gemeente, stellen wij ons vaak de vraag wat het voor mensen betekend. Uiteindelijk is het voor mensen dat wij besluiten nemen. De gesprekken met jullie zal ik zeker meenemen als ik ooit voor de vraag gesteld wordt of wij iets voor vrede in de wereld kunnen betekenen. Om zorgvuldig af te wegen wat een missie betekend, niet allen voor het gebied van de missie, maar vooral ook voor de mensen die wij uit een situatie van vrede naar de oorlog brengen.

Van de mensen die de Tweede Wereld Oorlog hebben meegemaakt en van de Indiëgangers heeft Nederland geleerd hoe ingrijpend oorlog voor mensen is. Wat mensen dan meemaken vormt ze en bepaalt vaak de rest van hun leven. Dankzij hun verhalen is er steeds meer geregeld voor de mensen die terugkomen. Want niet alle wonden die een oorlog achterlaat zijn zichtbaar.

Als Veteraan ben je uitgezonden naar bijvoorbeeld Afghanistan. Je kunt daar ieder moment op een bermbom stappen, iedere vredelievende burger, of zelfs kinderen, kunnen zelfmoordterroristen zijn. Je moet alert zijn, iedere seconde van de dag. Onbezorgdheid, even ontspannen: dat kan geen moment. En als het mis gaat, dan gaat het gruwelijk mis. Met ernstige verwondingen, met veel doden.

Dan kom je hier weer thuis in Nederland. Dit land waar alles geregeld is. Natuurlijk, hier is ook niet altijd alles pais en vree, maar je hoeft niet constant op je hoede te zijn. Maar juist dat, dat ben je wèl. Je kunt die onrust, die angst, die alertheid niet zomaar van je af leggen. ’s Nachts beleef je de verschrikkingen die je hebt gezien weer opnieuw. En het ergste is: je familie, je vrienden, je buren, die niet weten wat je hebt meegemaakt. Je kunt ze ook niet uitleggen hoe dat voelt. Want je wilt er wel over praten, maar je kunt de woorden niet vinden.

Voor veteranen, maar ook voor hun partners, kinderen en familie kan het terugkomen van een missie heel ingrijpend zijn. Dat verdient het begrip en respect van de samenleving. Als gemeente zijn wij ons daar zeker bewust van. Met een aantal veteranen zijn we op zoek naar een veteranenhuis in Schagen. Een plek waar veteranen kunnen praten met mensen die aan een half woord genoeg hebben, omdat zij ook veteraan zijn. Ik hoop dat het gaat lukken dat waar te maken.

Ik sluit af. Ik wil jullie, alle veteranen, maar zeker ook de partners, kinderen en familie, heel hartelijk bedanken voor alles dat jullie voor Nederland, onze vrijheid en vrede wereldwijd hebben gedaan.